De compensatieregeling transitievergoeding: werkgevers let op de termijnen!

Publicatiedatum: 2 april 2020

Niet enkel de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW) is in werking getreden op 1 april 2020. Ook aan de compensatieregeling transititevergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid wordt per 1 april 2020 concrete uitvoering gegeven.

Veel werkgevers hebben – vooruitlopend op de inwerkingtreding van deze regeling – dienstverbanden beëindigd en transitievergoedingen betaald aan hun werknemers. Werkgevers kunnen per 1 april 2020 bij het UWV een verzoek indienen tot compensatie van de transititevergoeding voor langdurig arbeidsongeschikte werknemers. Deze regeling zal naar verwachting tot gevolg hebben dat werkgevers de dienstverbanden met werknemers die langdurig arbeidsongeschikt zijn alsnog zullen beëindigingen. Waar moet u als werkgever op letten?

Welke voorwaarden gelden er voor het verkrijgen van de compensatie?

Voor het toekennen van de compensatie is het van belang dat:

(1) de beëindiging van de overeenkomst heeft plaatsgevonden wegens langdurige arbeidsongeschiktheid van de betreffende werknemer
(2) de wachttijd van 104 weken is doorlopen (periode na 1 juli 2015)
(3) de werknemer recht had op een transititevergoeding
(4) de transitievergoeding ook daadwerkelijk volledig aan de werknemer is betaald

Ook komt een werkgever voor een compensatie in aanmerking als:

(1) de beëindiging van de overeenkomst heeft plaatsgevonden wegens langdurige arbeidsongeschiktheid van de betreffende werknemer
(2) de arbeidsovereenkomst voordat de wachttijd van 104 weken is verstreken van rechtswege is komen te eindigen. De einddatum moet in dat geval gelegen zijn na 1 juli 2015. Ook is (vanzelfsprekend) van belang dat de werknemer van wie de arbeidsovereenkomst van rechtswege is komen te eindigen voor het verstrijken van de wachttijd van 104 weken, op het moment van uitdiensttreding wegens ziekte niet in staat was de bedongen arbeid te verrichten
(3) de werknemer recht had op een transititevergoeding
(4) de transitievergoeding ook daadwerkelijk volledig aan de werknemer is betaald

Het is niet van belang op welke wijze de arbeidsovereenkomst met de langdurig arbeidsongeschikte werknemer uiteindelijk is komen te eindigen. Ook is het mogelijk om een hoger of lager bedrag dan de werkelijk verschuldigde transitievergoeding overeen te komen met de werknemer. Daarbij is van belang dat de compensatie niet hoger zal zijn, dan hetgeen werkelijk betaald is aan de werknemer of de maximale transitievergoeding op het moment dat de wachttijd van 104 weken (de wachttijd) doorlopen is. Het UWV zal ook niet de wettelijke rente betalen die u mogelijk wel betaalt aan uw werknemer wegens het in termijnen betalen van de transititevergoeding in de plaats van ineens.

Indien aan bovenstaande vier voorwaarden is voldaan, kunt u als werkgever bij het UWV een compensatie aanvragen. De compensatie kunt u middels het volgende formulier aanvragen.

Zorg voor een goede administratie

De goedkeuring van uw aanvraag bij het UWV zal, los van de termijnen die hieronder zullen worden besproken, met name afhangen van de vraag of u voldoende en de juiste bewijsstukken heeft verzameld. Bij de aanvraag van de compensatie zult u namelijk bewijsstukken moeten toevoegen waaruit blijkt dat uw werknemer waarvoor u een compensatie heeft aangevraagd ziek uit dienst is getreden, dat er daadwerkelijk een transitievergoeding is betaald, hoe de vergoeding is berekend, op welke datum de 104 weken (de wachttijd) zijn bereikt, dat er daadwerkelijk een arbeidsovereenkomst was en hoe lang de arbeidsovereenkomst met de betreffende werknemer heeft geduurd.

Om het bovengenoemde te kunnen bewijzen zult u de volgende stukken als bijlage moeten uploaden en meesturen met de aanvraag. De bijlagen worden middels hetzelfde aanvraagformulier meegestuurd.

1. De arbeidsovereenkomst. In het geval er geen schriftelijke arbeidsovereenkomst (meer) is, dan is een document waarop de begindatum van de overeenkomst is genoteerd ook goed. Daarbij kunt u denken aan een loonstrook waarop de datum staat waarop de werknemer in dienst is gestreden.

2. Bewijs van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Dit kan zijn een beeindigingsovereenkomst, vaststellingsovereenkomst, uitspraak van de kantonrechter of opzeggingsbrief.

3. Uw berekening van de hoogte van de transititevergoeding. Het gaat daarbij om de berekening van de transitievergoeding waar de werknemer recht op had op het einddatum van het opzegverbod wegens ziekte. Dit kan een ander bedrag zijn dan het bedrag u met uw werknemer heeft afgesproken.

4. De loonstrook van de periode voor de datum waarop uw werknemer één jaar ziek was.

5. De loonstrook van de periode waarin het opzegverbod wegens ziekte voorbij is.

6. Bewijs dat u de volledige transititevergoeding heeft betaald en op welke datum dit is gebeurd. Daarbij kunt u denken aan een bankafschrift. Indien de vergoeding in termijnen is betaald, dient van alle betalingen een afschrift te worden toegevoegd.

In bijzondere situaties kan het UWV verzoeken om aanvullende bewijsstukken.

Het UWV kan in bijzondere situaties verzoeken om aanvullende bewijsstukken. Het gaat om de volgende zes gevallen.

  • Als er van de transitievergoeding inzetbaarheidskosten en/of transitiekosten zijn afgetrokken, dient u mee te sturen een schriftelijke instemming van de werknemer tot verlaging van de transititevergoeding door inzetbaarheidskosten en/of transitiekosten en het betaalbewijs van de gemaakte inzetbaarheidskosten en/of transitiekosten.
  • Als er eerder een transitievergoeding is betaald. Dit kan het geval zijn als u zelf (of uw rechtsvoorganger bij bedrijfsovername) eerder een transititevergoeding heeft betaald aan de werknemer omdat deze bijvoorbeeld eerder een tijdelijk contract had. In dat geval is een betaalbewijs van deze transitievergoeding nodig (bankafschrift).
  • Als de werknemer dienstverlener aan huis in dienst bij een particulier is (die minder dan 4 dagen per week huishoudelijk werk verricht), dient een loonstrook van de laatste maand waarover loon is betaald te worden toegevoegd.
  • Als de werknemer tijdens de duur van het dienstverband volledig of voor een deel jonger dan 18 jaar was, dient u toe te voegen een overzicht van de gewerkte uren in de maanden waarin de werknemer jonger was dan 18 jaar.
  • Als de werknemer tijdens het opzegverbod wegens ziekte, wisselende ploegentoeslag en/of overwerktoeslag heeft ontvangen, dient u alle loonstroken waarop de ploegentoeslag en/of de overwerktoeslag staat toe te voegen. Dit geldt voor de laatste 12 maanden van het opzegverbod.
  • Als de werknemer tijdens het opzegverbod wegens ziekte (wisselende) winstuitkeringen en/of bonus(sen) ontving, dient u alle loonstroken waarop de winstuitkering of bonus(sen) staat, van de laatste 36 maanden voor het einde van het opzegverbod toe te voegen.

Let op: er gelden termijnen

Eerst per 1 april 2020 kunt u via het UWV een compensatie aanvragen voor de transitievergoeding. De kans is echter aanwezig dat u al voor 1 april 2020 de volledige vergoeding aan uw (ex)werknemer heeft betaald. In dat geval dient u de compensatie uiterlijk op 30 september 2020 te hebben ingediend. Noteer deze termijn goed!

Indien de transitievergoeding op of na 1 april 2020 volledig door u is betaald aan uw (ex)werknemer, heeft u zes maanden de tijd, ingaande na de dag waarop de volledige vergoeding door u is betaald, om een aanvraag in te dienen bij het UWV.

Beslis- en betalingstermijn van het UWV

De beslis- en betalingstermijn van het UWV is afhankelijk van het eindigen van het opzegverbod wegens ziekte. Wat betekent dit concreet voor u als werkgever?

Indien het opzegverbod wegens ziekte is geëindigd voor 1 april 2020, dan zal het UWV binnen 26 weken nadat de aanvraag volledig is ingediend een beslissing moeten nemen. Op het moment dat het UWV oordeelt dat u als werkgever recht heeft op een compensatie, zal het UWV de compensatie binnen zes maanden na de beslissing aan u als werkgever uitbetalen.

Is het opzegverbod wegens ziekte geëindigd op of na 1 april 2020, dan zal het UWV binnen zes weken nadat de aanvraag volledig is ingediend een beslissing moeten nemen. Wanneer het UWV oordeelt dat u als werkgever recht heeft op een compensatie, zal het UWV deze binnen zes weken na de beslissing aan u uitbetalen.

Bezwaartermijn

Het UWV kan besluiten dat de betaalde transitievergoeding slechts deels of in zijn geheel niet wordt gecompenseerd. Indien u zich daarmee niet kunt verenigen kunt u als werkgever binnen zes weken in bezwaar gaan tegen deze afwijzende beslissing. Bezwaar kunt u zowel digitaal (online) als per post indienen. Onze arbeidsrechtadvocaten kunnen u adviseren en bijstaan tijdens deze bezwaarprocedure.

Gelet op het bovenstaande, adviseren wij u met klem een goede administratie bij te houden en de termijnen goed te noteren. U zult uw aanvraag met concrete bewijsstukken moeten onderbouwen. Indien u vragen heeft over de compensatie van de transitievergoeding, dan kunt u contact opnemen met onze advocaten.

Meer interessante artikelen lezen?

« Terug naar het overzicht

© 2020 - Alle rechten voorbehouden - Vallei Advocaten & Mediators